Het Klimaatplan van de Nederlandse overheid: een drama in veelvoud (3)

Nu het meer spannende deel van mijn reflectie over het Klimaatplan van de Nederlandse overheid: mijn gedachten over de toekomst van het Klimaatplan en wat de uitwerkingen zullen zijn op de Nederlandse samenleving. Voor alle duidelijkheid: het gaat hier niet over zekerheden. Dé platitude over de toekomst: zij is onzeker. Zo ook mijn projecties: het is maar de vraag of ik gelijk ga krijgen. Het enige wat ik probeer te doen is logische stappen zetten met de kennis die nu voorhanden is. Okay, daar gaan we:

Projectie 1 – Het Klimaatplan zal niet leiden tot een reductie van het gebruik van fossiele brandstoffen

Het lijkt ondenkbaar dat gepubliceerde projecties (voorspellingen dus) van het PBL enig werkelijkheidsgehalte hebben. Het energiegebruik in Nederland toont een beeld waarin een energietransitie naar CO2-emissiereductie eerder op fantasie dan de werkelijkheid berust. Een aantal voorbeelden uitgedrukt in petajoule, een energiemaat van een 1 met 15 nullen, oftewel 1 biljard(!):

Zoals duidelijk blijkt uit bovenstaande grafieken: fossiele brandstoffen domineren waar energie nodig is. Een eenvoudige rekenvoorbeeld laat dat zien: in 2016 werd bij de productie van elektriciteit en warmte 801.1 PJ aan fossiele brandstoffen gebruikt. Uitgaande van alleen dit gebruik, zou het aantal PJ fossiel brandstofgebruik ongeveer gehalveerd moeten worden in 2030, als we alleen deze energierekening zouden halveren wat betreft fossiele opwekking. Dat is zo’n 400 PJ, oftewel 40 PJ per jaar tot aan 2030. Dat is 11.11 x 1.000.000 MWh per jaar, oftewel 1268 MW. Dit niet-fossiele vermogen moet elk jaar geïnstalleerd worden ter vervanging, bijvoorbeeld in de vorm van een kerncentrale (die we natuurlijk niet willen), om in ieder geval de 49% doelstelling voor 2030 te halen voor de opwekking van alleen elektriciteit en warmte. Onmogelijk.

Zelfs de veel geroemde ‘Energiewende’ zoals in Duitsland wordt getracht heeft weinig gerealiseerd wat betreft CO2 emissiereductie en het gebruik van fossiele brandstoffen. De 2020 CO2-doelstelling zal zeker niet worden gehaald door onze Oosterburen:

Ook de mondiale trends in de consumptie van energie en de daarvoor gebruikte energiedragers geven geen enkele aanleiding om een energietransitie, weg van fossiele brandstoffen, serieus te nemen:

De consumptie van kolen, olie en gas blijft maar toenemen. En dat gaat niet veranderen de komende jaren. Zoals de figuur laat zien, de renewables -de inefficiënte energieopwekkers zoals wind en zon- spelen nauwelijks een rol in het totale energieplaatje.

Voor alle duidelijkheid: het gaat hier niet om willen maar kunnen (tenzij de energietoevoer op tal van niveaus wordt stopgezet ‘op bevel van hogerhand’). En: het gaat hier uitdrukkelijk ook niet over de wens om business-as-usual te verdedigen. Als voorbeeld: in de privésfeer hebben wij al jaren de verwarming vrijwel op uit staan (de grens ligt op zo’n 17 graden in huis). Het idee om binnenlucht te verwarmen heb ik eigenlijk nooit goed begrepen, behalve dan als er condensatie begint op te treden. Akkoord, ons rijtjeshuis is netjes geïsoleerd en goed te ventileren. Maar de energietransitie zoals voorzien zal niet van de grond komen met een dergelijk privé initiatief (hoewel ik iedereen kan aanraden de verwarming de facto uit te zetten).

Volgende keer verder met projectie 2 …


© 2019. All rights reserved.